Egyptische Dans - Raqs Sharqi

De 3 dansstijlen in 't kort: Sha'abi: is de meer volkse zigeunerachtige stijl, de dans is vrolijk, vurig, zeer geaard en wordt samen gedanst, 2-, 3- of 4-tallen, met spontane solo's. Het is een naar buiten gerichte dans met sterke heupbewegingen, zowel ritmisch als vloeiend.

Je kleding: twee wijde cirkelrokken over elkaar heen, een body of t-shirt, een bolero om hierover heen te knopen, een mooie sjaal voor rond het hoofd, met munten of kralen en ook een sjaal met muntjes voor rondom de heupen. Vaak worden delen van de bovenste rok ook weer ingestopt in de heupband om hiermee de volheid & breedte van de heupen te ondersteunen. Het geheel geeft een rijke zwierige indruk en is vaak kleurrijk.

Baladi: de volgende vorm is oorspronkelijk rond de eeuwwisseling in Caïro tot ontwikkeling gekomen. Het is meer een solodans en er is een opbouw in expressie. De muziek vertelt een verhaal, meestal over een jonge vrouw die het leven ontdekt in alle 'pijn en fijn' wat je tegen kan komen. Er zijn snelle wisselingen in beweging, zowel heel langzaam als snel, van binnen naar buiten. Het vraagt lef en kennis van specifieke beweging. Kleding: cirkelrokken, wijde lange sjaal om om de rok te binden, body/t-shirt, een simpele sjaal rond de heupen, sluier en sjaal om het hoofd.

Classical sharqi: in de oude Egyptische films waarin shots over kastelen en paleizen te zien zijn, zie je deze vorm van dans, een echte elite-dans. Er wordt in deze vorm vooral op de bal en de tenen gedanst en de armbewegingen zijn omhoog gericht. Voor het lichaam is het de zwaarste vorm. Er moet  'voelende' kennis aanwezig zijn om deze vorm in al haar schoonheid tot expressie te laten komen. Eenvoud, meer ruimtegebruik, en schoonheid zijn wel dé kenmerken. De kleding is overeenkomstig: twee cirkelrokken over elkaar heen, de rokken worden niet ingestopt in de heupband, t-shirt of body en een eenvoudige sjaal voor rondom de heupen